De luxe van een zevenluik

 

Sorry, at the moment there is no English translation available for this article.

De in 1941 te Rotterdam geboren schilder en etser Ton van Os toont binnen de ontwikkeling van zijn werk een consequente groei. Er is op zeer gezette tijden sprake van markeringspunten, die zijn geestelijke ontplooiing op een speciale manier laten zien, zonder dat er echter sprake is van opzienbarende veranderingen in benadering of van spectaculaire toestanden.

Toch moet men vaststellen, dat Ton van Os is gaan behoren tot een van de weinige beeldende kunstenaars, die via een zeer eigen idioom en een voor onze tijd onmiddellijk herkenbaar onderwerp het terrein weet te betreden van het gezuiverde in de beeldende kunst. Een geestelijke groei naar aanleiding van een voorkeur-gegeven. Dat bepaalt zich tot een stedelijk fragment, een bouwkundig detail, dat staat voor het geheel en dat van meer betekenis is dan wat het voorstelt.

Nu hij zich de 'luxe' veroorlooft een sequentie van zeven grote schilderijen, die onlosmakelijk aan elkaar gewaagd zijn, voor het eerst in een bepaalde nevenschikking te tonen, is het boeiend gebleken met hem daarover van gedachten te wisselen.

Ton van Os werd in 1941 te Rotterdam geboren. Van huis uit zou men niet hebben mogen verwachten dat hij schilder en etser zou worden. Voor hem geldt zeker, dat een ideaal verwezenlijken, - en dat moet als kunstenaar ook mogelijk bereikt kunnen worden, - gelukkig niet van factoren als afkomst, omgeving en opleiding afhankelijk is. Hij bezocht de Rotterdamse Academie van Beeldende Kunsten, afdeling tekenen en schilderen. Hij merkt nu naar aanleiding hiervan op, dat vroeger deze academie voornamelijk werd geleid door vriendelijke mensen met een of andere acte en dat het nu meer de mensen van de praktijk zijn, die beginnende kunstenaars begeleiden. 'Bij hen zou ik me beter thuis hebben gevoeld' , zegt hij.

UNTITLED   1982  oil on canvas 230x200 cm  private collection

UNTITLED 1982 oil on canvas 230x200 cm private collection

XXXIV_ton_van_os.jpg

Als jonge, 21-jarige kreeg hij de 'drempelprijs' van de gemeente Rotterdam, welke prijs in 1966 werd gevolgd door de 2e prijs op de 1 X Mostra Internationale di Bianco e Nero te Lugano. In 1967 mocht hij van het ministerie van O.K. & W. gaan reizen en in 1969 werd hij onderscheiden met een eerste prijs op de Mostra Biennale Internationale Della Grafica in Florence. Voegen we nog de Hendrik Chabotprijs in 1974 daarbij en we hebben een behoorlijk overzicht van de bekende markeringspunten, waarmee naar de buitenkant toe het leven van een zich ontwikkeling artiest in schaal wordt gebracht.

UNTITLED  1987 - 1979 oil on canvas each part 200 x 100 cm 7-part painting

UNTITLED 1987 - 1979 oil on canvas each part 200 x 100 cm 7-part painting

Ik zag het werk van Ton van Os eigenlijk eerst goed op een schilderijen-expositie van hem in Galerie D'Eendt te Amsterdam ( 1968). Een vergelijking met wat hij sinds de beginjaren zeventig maakt is onmogelijk.

Dat hij toen in 1968 figuratief bezig was, en juist heel gericht op het menselijk (kinderen en oude mensen) lichaam, is waar. Maar toen reeds viel zijn benaderingswijze sterk op en was er sprake van een bevochten kijk op onderwerp en wijze van visualiseren. Het was overigens een heel beklemmende en terneergeslagen wereld, die hii liet zien. En hij bewees met deze uitgezwete doeken dat het onderwerp, ook al is het naar de menselijke kant zo sterk herkenbaar, er eigenlijk niet doorslaggevend toe doet en dat het schilderij zelf. zoals het geschilderd is, van aparte betekenis is. 'Achteraf' zo zegt hij, 'weet je pas wat wèl beslissend en belangrijk is geweest, weet je ook wanneer het de kant is opgegaan, die je eigenlijk steeds onbewust hebt gezocht, Die dingen moet je uitvinden. En om dat te kunnen moet je bezig zijn, zoeken, proberen.

Ton van Os is van een Rotterdamse locale figuur, 'wat zwaartillend en onbedreven' , zoals Dolf Welling een keer hem omschreef, uitgegroeid tot een zeer gericht en autonoom kunstenaar. Men moet daarbij niet aan uiterlijke allure denken. Echter wel aan essentiele diepgang.

 

Mensen

In de jaren zestig nam hij nog de mens, of de groep mensen tot thema. Maar tegen het jaar zeventig ontstonden steeds meer bladen met de nadruk op arcering. Ton van Os beschikte vanaf toen over de middelen van de etskunst, waarmee hij op indrukwekkende wijze voortaan ruimten verbeeldt. En tegelijk laat hij ons beseffen, dat wij met een vlak te maken hebben. Van Os heeft zich vanaf die tijd kunnen handhaven op internationaal niveau. Met behoud van zijn, wat ik zou willen noemen, 'Hollandse' opstelling. Die houding is geen modieuse trek.

Wie hem bezoek in Rotterdam ziet het volgende: Twee tot de uiterste eenvoud teruggebrachte aaneensluitende vertrekken, waar wit en zwart zo op elkaar zijn afgestemd dat het lijkt of er toch kleur in de ruimten is. De werking van de smalle luxaflex, kan de ruimte zo veranderen dat er totaal iets anders ontstaat dan juist daarvoor. Van luxe is geen sprake. Wel van een ingehouden smaak, eenvoud. Zijn etsen liggen in volgorde in een grote grafiekkast, er ontbreekt geen enkele druk. Zelfs boeken en muziekapparatuur zijn teruggedrongen op plaatsen waar zij een dienende functie hebben. In deze 'hollandse' kamers ontstaan vaak de eerste aanzetten tot zijn eigenlijke werk.

Buiten, aan de Spoorsingel, is er de wat uitbundige steenversiering met patroontjes en krullen, die bij de laat negentiende-eeuwse stijl van dit stukje Rotterdam horen. Binnen, zo zou je kunnen stellen, de eigentijdse kunstenaar. Maar hoe eigentijds? Beslist, zoals blijkt, geen man zonder artistieke wortels.

 

Wortels

Dat vindt zijn oorzaak, om te beginnen, in zijn eigen ontwikkeling. Hij heeft steeds vervreemdende aansluitingen bij groepen of internationale stromingen op een afstand gehouden. Zo heeft hij het dus gepresteerd niet van zichzelf te vervreemden maar het voor ogen staande idee, dat het in beeldende kunst ook allemaal eenvoudig moet kunnen, gekoesterd. Voorts is er nog een ander aspect aan zijn autonoom kunstenaarsschap. Ton van Os heeft op zijn vormende speurtocht door de kunstgeschiedenis enkele meesters 'ontdekt', die hem in wezen een bepalende handreiking gaven in sommige van hun werken. De directe ordening van de etsen van Rembrandt hoort daarbij, vooral ook, - en dit kan in onmiddellijke relatie met zijn huidige werk worden gebracht,- de schilderijen van Pieter Saenredam de teruggetrokken meester van de kerkinterieurs, de heldere ordenende meester. die wist wat ruimte kan doen op het platte vlak om te komen tot een wonderlijke harmonie; tenslotte de etsen van Morandi.

'Wat is het wonder van die harmonie'?' zegt hij, 'van die eenvoud? Het is bij die kunstenaars in een keer goed, je kan de kunst eigenlijk dan wel vergeten. Je kan bij Morandi niet zeggen dat hij spulletjes etst of schildert, dat hij stillevens maakt. Hij maakt veel meer. Hij maakt via die eenvoudige kruikjes en potjes een héle wereld. Zo zie je maar dat je van buitenaf weinig hoeft aangereikt te krijgen om geestelijk sterk en overtuigend iets uit te drukken. Ik kijk soms hevig naar het werk van genoemde kunstenaars.

Voeg daar ook nog enkele werken van Hercules Seghers bij en bijvoorbeeld 'Het gezicht op Haarlem' van Ruysdael, het is alsof deze meester vanaf een andere planeet het ineens heeft gezien, en zeker ook de 'Toren van Babel' van Bruegel (hier in museum Boymans), en je hebt ongeveer de meesters op een rijtje, die voor mij van enorm belang zijn geweest.'



Zeven-luik

'Dat zeven-luik veroorloof ik mij. Ik heb ervoor opgepast dat ik niet te agressief begon; telkens maakte ik een tekening van hetzelfde flat-gedeelte, daarna een onderschildering en tenslotte de schildering zelf.

Elk doek is 1 bij 2 meter. Ik moest natuurlijk in de gehele opeenvolging precies uitkomen. Het was soms een hele uitkienerij. lk moest er geen drie hebben, zoals een drieluik, maar precies deze zeven. Als ik de volgende maakte had ik de vorige er naast. Je hebt steeds die vorige nodig om de volgende te maken. En dan maar hopen dat ik uit zou komen. Die flat bestaat niet. Het is naar aanleiding van 'idee' flat.

Vind je het verkeerd als loensen er het verloop van een dag, van ochtend naar avond, inzien, met het licht dat daarbij hoort? 'Nee misschien is het nog waar ook. Men zal zeggen'. dat weet ik, dat herken ik. dat detail heb ik meer gezien. Als men zegt, je hebt gewoon het licht geschilderd, van 's morgens tot 's nachts, dan vind ik het ook goed. Maar dat is het niet alleen, al kan ik me voorstellen dat iemand het zo opvat. De zeven horen absoluut bij elkaar. Het heeft me rust gegeven dat ik nu eens in de gelegenheid was dit onderwerp, zoals ik het wil, te voltooien, lk kan dit alleen maar voor mezelf doen. Als iemand me de opdracht ervoor had gegeven, was ik er niet aan begonnen. Een heidens werk is het geweest.

lk heb een twaalftal schilderijen gemaakt van flatgebouwen, telekns anders. Toen dacht ik, ik moet een sequentie maken, waar het allemaal in zit. Eén totaal. Ik had een schilderij in het midden nodig en daarnaast aan beide kanten evenveel andere. Op de tentoonstelling in Delta komen ze alle zeven op de lange wand te handen. Natuurlijk kunnen geïnteresseerden werk van mij kopen, naar aanleiding van dit zeven-luik.

Maar de expositie gaat uitsluitend om dit zeven-luik. Ik denk dat ik hierin de helderheid bereikt heb die ik van te voren gedacht heb. Als ik eraan ging werken, moest alles in huis op orde zijn, moest bij mezelf alles op zijn plaats zijn'.

 

Prachtig boek

In de etsen van Ton van Os zien wij sinds het begin van de jaren zeventig steeds meer strakke bouwkundige-impressies, soms ook architectonische frag enten, ook wel als door een gedeeltelijk schoon geveegde als het ware be-ademde ruit. Prenten die prachtig zijn gedrukt, zwart-wit en wat daar tussenin mogelijk is. Etsen van een zelfdiscipline.

Onlangs verscheen een speciaal boek: 'Veertig etsen 1972-1974-Ton van Os', een mooi uitgegeven werk, dat een belangrijk stuk van zijn grafische ontwikkeling omvat en dat als basiswerk kan gelden voor zijn beeldende opvattingen', (verkrijgbaar bij de Rotterdamse Kunststichting, Kruisplein 30, Rotterdam of in de Rotterdamse Boekhandel).

Tegen de lage prijs van vijftien gulden. Het is een gemeentelijke blijk van waardering voor het werk van Ton van Os. Wiens persoon en werk in de Nederlandse beeldende kunst beslist uniek te noemen zijn.



Frans Duister

 

Frans Duisterwouke